Wat u op de foto ziet
De neus van een bommenwerper, met een geschilderde vrouw en een naam ernaast. Zo zag het er op honderden toestellen uit: een pin-up in kalenderstijl, met de hand overgeschilderd op de romp, vaak naar een voorbeeld uit een tijdschrift of kalender die iemand bij zich had.
Hoe het ontstond
Neuskunst bestond al in de Eerste Wereldoorlog, met haaienbekken en wapenschilden. In de Tweede Wereldoorlog kwam de pin-up erbij, vooral bij Amerikaanse eenheden. Het toestel kreeg een naam, en die naam werd geïllustreerd: een meisje, een filmster, of de vrouw van thuis.
Wie het schilderde
Meestal een bemanningslid of een monteur met tekentalent, soms tegen betaling van een paar dollar of een fles drank. Er ontstonden lokale specialisten die tientallen toestellen beschilderden. Het materiaal was gewone vliegtuiglak, aangebracht met kwast en sjabloon.
Waarom het werd toegelaten
Officieel was het niet toegestaan, maar commandanten knepen een oog dicht omdat het de moraal hielp en de identificatie met het eigen toestel versterkte. In een oorlog waarin bemanningen elkaar dagelijks kwijtraakten, gaf het toestel met de eigen naam een gevoel van eigenheid.
Wat er wel en niet mocht
De grens lag bij naaktheid en bij alles wat als aanstootgevend kon gelden op foto's die in de krant konden komen. In de praktijk werd er soms een badpak overheen geschilderd zodra er persfotografen kwamen. Na de oorlog werd het beleid strenger en verdwenen de meeste afbeeldingen.
Wat er van over is
Weinig originele toestellen bleven bewaard, en de lak verweerde snel. Wat resteert zijn foto's, een enkel gerestaureerd museumstuk en losgezaagde rompdelen die als object worden bewaard. Juist de foto's uit die tijd, gemaakt door legerfotografen, zijn tegenwoordig vrij te gebruiken.
De invloed
Neuskunst is het punt waarop de pin-up van de kalender naar de werkelijkheid verhuisde. Het is ook de reden dat het genre voor veel mensen onlosmakelijk met de oorlog verbonden is, en dat de stijl tot vandaag opduikt op motoren, helmen en tatoeages.
Namen en betekenis
De naam op de romp verwees vaak naar een echte persoon: de vrouw of het meisje van een bemanningslid, soms met haar portret ernaast. Andere toestellen kregen namen uit strips, films of liedjes. Voor de bemanning was het toestel daarmee geen serienummer meer maar een eigen ding, en dat was precies de reden dat leidinggevenden het toelieten.
Wat het kostte en wie het betaalde
Een bemanningslid betaalde de schilder meestal uit eigen zak, met een paar dollar of een fles sterkedrank. Verf kwam uit de eigen werkplaats. Dat maakte het tot iets van de bemanning zelf en niet van de legerleiding, en het is de reden dat de stijl per eenheid en zelfs per basis verschilt: iedereen kopieerde de schilder die toevallig in de buurt zat.
